Oude mensen

Haar haar zat altijd keurig, alsof ze net bij de kapper vandaan kwam. Parelketting, oorbellen en lipstick maakten het beeld af. Ze was diep in de 80, bijna 90, maar werkte nog als vrijwilligster in het verzorgingstehuis. Daar schonk ze koffie en maakte een praatje met wie dat nodig had.

Nu was ze gevallen en had haar schouder lelijk bezeerd. En dat was niet de eerste val die maand. Ze deed er zelf heel luchtig over: ¨Och, dat gaat wel weer over, ik heb geneesvlees.¨

Haar zoon maakte zich meer zorgen. Hij woonde ver weg en wilde wat meer hulp en veiligheid voor zijn moeder. Kortom: in overleg met de huisarts was ze op de wachtlijst voor het verzorgingstehuis geplaatst. Dat kon toen nog makkelijker dan nu.

Ze begreep het wel maar was het er niet mee eens. Ze kende het huis door en door, kende zowel de bewoners als de verzorging, dus wat was nu precies het probleem?

Ik prikte een beetje door en toen kwam de aap uit de mouw:

¨Daar wonen toch alleen maar oude mensen, wat moet ik daar nou tussen!¨

Zeeman

Hij was dementerend, oud en had zichzelf een beetje verwaarloosd. Op zee, waar hij zijn hele leven gezeten had, waren er altijd mensen om hem heen, was gezelligheid, maar alleen in zijn flatje aan de wal was het eenzaam. En koken kon hij ook al niet.

Sinds een paar dagen lag hij in het ziekenhuis en door het goede eten en de verzorging knapte hij snel op. Ik moest hem weer op de been brengen.

We liepen dan op de gang, eerst kleine stukjes en later grotere stukjes, hij in pyjama en de oude verweerde tattoos op zijn onderarmen nog goed zichtbaar. Een anker links en een weelderige zeemeermin rechts. Soms zong hij een liedje voor me. Jong als ik toen was, kon ik niet voorkomen dat ik ging blozen toen ik de teksten verstond.

Het duurde niet lang voor hij me uitnodigde voor een drankje. Eerst hield ik wat af maar hij liet zich niet afschepen. ¨Ik heb geld hoor meissie! Maak je maar geen zorgen. Je mag drinken wat je maar wilt!¨

¨Ik moet nog werken, maar een kopje thee gaat er wel in!¨

En zo zaten we in een ziekenhuis met een kopje automaat-thee, een oude man en een jong meisje, zonnetje op de formica tafel. En weet je wat?

Het was echt gezellig zo!

Boot

Niet alle mensen komen in de praktijk, soms is het nodig dat ik aan huis behandel. Op die manier ben ik in de loop der jaren in de meest uiteenlopende woningen geweest, van heel erg simpel tot paleisjes aan toe.

Op een dag belde ik aan bij een geweldig vrijstaand huis aan het water. De dame des huizes lag op bed met rugklachten en kon geen kant op. Haar man zat bezorgd naast het bed. Ik had al gekeken naar de verzekering: er was geen dekking voor fysiotherapie.

Zoals dat hoort en zoals ik dat bij iedereen doe noemde ik mijn tarief en vertelde dat de verzekering dat niet zou voldoen maar dat ze zelf dienden te betalen.

Meneer keek naar buiten, naar zijn jacht, zijn vrouw keek hem verwachtingsvol aan, die wist dat er iets zou komen. Hij zei met een grote grijns: ¨Nou ja, desnoods verkopen we de boot.¨

Ik hou van mensen met humor.

Abdomen prominens

In mijn begintijd hadden we veel stagiaires. Ze moesten nog leren om goed te kijken naar houding en stand maar ook naar afwijkingen van patiënten. Dat deden we dan samen: de stagiaire benoemde wat hij of zij zag, ik schreef het op en later bespraken we het.

Zo leer je te zien of iemand doorgezakte voeten heeft, (pes planus), spataderen (varices), of een scheefstand van de rug (scoliose). Alles werd in het Latijn benoemd, ook al om de patiënt niet onzeker te maken door al die “afwijkingen”. Want veel van de dingen die we constateren betekenen helemaal niets: er is al lang een steunzooltje voor de platvoeten, die spataderen zijn er nu eenmaal en hebben misschien geen relatie met de klacht.

We hadden een stagiair (we noemen hem Don), die bij elke patiënt wel dezelfde afwijking constateerde: Abdomen prominens (dikke buik). Als we later de patiënt doornamen, dan zei ik wel eens: dat viel wel mee hoor, met die buik! “Nee,” antwoordde Don dan, “de buik stak uit voor de randen van het bekken, en dan is het een abdomen prominens. Dat is een afwijking!” Hij was onverbiddelijk. En mager, natuurlijk.

Langzaam werd ik er een beetje onzeker van, ik ging eens opzij voor de spiegel staan, en ja hoor, onmiskenbaar: een abdomen prominens….

Don was in zijn vrije tijd op vrijersvoeten. Hevig verliefd kwam hij op een goede dag zijn vriendin voorstellen. Een leuk meisje, blond, lief gezicht, tikje verlegen. En, tot mijn verbazing, een abdomen prominens, zichtbaar door de kleding heen.

Liefde maakt blind!

Duikplank

Vanuit het verpleeghuis gingen we elke week zwemmen met een aantal dementerende bejaarden. Daar was toen nog tijd en geld voor. We namen mensen mee die dat leuk vonden, maar ook soms mensen waar we niet precies van wisten waar we ze plezier mee konden doen.

Zo’n uitstapje duurde dan 2 uur, en al die tijd kregen de mensen één op één begeleiding. Daardoor kwamen veel mensen uit hun schulp, en door de andere omgeving en het drijven in het water kreeg je vaak een veel beter contact.

Op een dag ging een oude dame mee, die weinig contact meer maakte en nauwelijks wat zei. Meestal stonden haar ogen wat glazig. Na het zwemmen, wat ze wel leuk leek te vinden, was er dan tijd voor een welverdiend kopje koffie, met een koekje. De kantine was boven met mooi uitzicht over het hele zwembad.

Al die tijd had ze niets gezegd en haar blik bleef glazig. Ik dacht niet dat ik tot haar doordrong.

Beneden ons was een jonge man bezig met indruk te maken op een aantal meisjes. Haantjesgedrag zeg maar. Hij dook op alle manieren van de hoge duikplank. Na een bijzonder gewaagde duik keek ik naar de dame om te zien of ze zag wat er zoal gebeurde. Haar gezicht stond op minachting toen ze maar een woord zei:

“Uitslover!”

Die had ik niet zien aankomen!

Vragenlijst

Ik werkte in een kleine praktijk waar alle bijkomende taken door de fysiotherapeuten gedaan werden: we waren te klein voor een baliemedewerker.

De klanttevredenheidsonderzoeken die wij moeten toesturen naar onze patiënten moeten inzicht geven in de kwaliteit van onze behandelingen en onze benadering. Op een regenachtige achternamiddag las ik al die vragen eens door. Vraag 12: was de praktijk telefonisch altijd bereikbaar? (Dat was natuurlijk heel belangrijk!) Vraag 26: werd uw behandeling wel eens onderbroken, bijvoorbeeld door een telefoongesprek? (Want dat was natuurlijk heel verkeerd).

Ik moest denken aan de deur van een horecagelegenheid hier in de buurt: de gemeente wilde dat die naar binnen toe opende, zodat er op straat geen overlast zou zijn. De brandweer wilde de deur naar buiten toe laten openen zodat hij bij paniek niet de vluchtende mensenstroom zou kunnen blokkeren.
En aan de keukenvloer die van de Keuringsdienst van Waren glad moest zijn zodat er geen restjes voedsel achter zouden kunnen blijven, maar van de arbodienst ruw moest zijn om uitglijden van personeel te voorkomen.

Ondernemers kunnen bijna een spagaat maken maar kunnen het nooit helemaal goed doen in de ogen van alle toezichthouders….

Klanttevredenheid

Een aantal zorgverzekeraars verplicht ons min of meer om een klanttevredenheidsonderzoek te doen. Dat kost ons veel geld maar we willen dat dan wel proberen. Dus moeten wij elke nieuwe patiënt vragen om het email-adres en om toestemming om een klanttevredenheidsonderzoek toe te mogen sturen. De rest gaat dan automatisch.

Zo kwam ik bij een oude meneer, die duidelijk het soort autoriteit uitstraalde dat getuigt van een leven lang succesvol zaken doen. Ik vroeg hem netjes om zijn mailadres en vroeg toestemming voor het onderzoek.

“Mijn beste mevrouw, als er iets is waar ik niet tevreden mee ben, dan bent u de eerste die dat van mij te horen krijgt. Zo’n onderzoek lijkt mij niet nodig.”

En hij had gelijk: zo moet dat en niet anders!

60 plus

Al jaren geef ik Pilateslessen. Ik werd gebeld door iemand die belangstelling had voor een proefles.

“Geeft u ook Pilates aan 60 plussers?”. Ik legde uit dat in mijn lessen mensen van alle leeftijden tegelijk zitten, dat iedereen op zijn eigen matje net zover gaat als hem of haar goeddunkt, en dat ik zelf ook bijna 60 plus ben. Ik begreep de vraag niet helemaal, tot ik een helder moment kreeg en haar vroeg: “hoeveel 60 plus bent u eigenlijk?”.

“Nou, eigenlijk ben ik 80 plus, maar ik heb altijd Pilates gedaan en doe dat nog steeds op een matje in mijn kamer. Maar het is veel leuker dat met andere mensen te doen, leek me zo.”

Wauw, dit is de manier waarop ik ook oud wil worden!

Krom

Op een dag, lang geleden, kwam ik bij een heel oude dame. Ze liep met een rollator en was ongelooflijk krom. We zouden wat gaan trainen maar eerst wilde ik meer van haar weten. Hoe zat het met haar rug?

O, mijn beide ouders waren ook zo krom, dat is bij ons in de familie niets bijzonders, we hadden dat allemaal.

In gedachten ging ik snel alle oorzaken van een kromme rug langs: Bechterew, Scheuerman, rachitis, en duidelijk dus erfelijk. Dus ik vroeg verder naar de oorzaak. Ze vertelde tot mijn verbazing het volgende verhaal:

“Mijn ouders hadden een trekschuit en waren te arm om ook een paard te bezitten. Al vroeg moest ik helpen met het werk, net als mijn ouders. Ik was acht toen ik voor het eerst mee moest trekken. Dat heb ik gedaan tot ik trouwde, op mijn 22e.”

Met enige afschuw dacht ik aan dat jonge meisje dat zulk zwaar werk moest doen en daarvoor ook school moest verzuimen. Ik vertelde dat ik het wel erg voor haar vond.

Nou, antwoordde ze, ik ben er niet slechter van geworden. Ze keek me aan en we schaterden tegelijk: maar wel krom!

Motorpak

Hij was 20 en op de snelweg onderuit gegaan. Met zijn motor en in gewone kleding. Ik kwam bij hem thuis voor de revalidatie en trof hem aan in het schuurtje, bezig de schade van zijn motor op te nemen: ongeveer evenveel als hij zelf. De krukken onder een stoel, de gereedschapskist onder handbereik.

Tijdens een van onze oefensessie vroeg ik hem of hij nu met motorrijden zou gaan stoppen. Nee hoor: hij had zijn les geleerd en dit ging niet nog eens gebeuren. Ik vroeg of hij dan wellicht over een goed leren motorpak ging denken, maar daar had hij even geen geld voor.

Nu heb ik zelf ook kinderen en weet hoe het werkt, dus ik raadde hem aan: praat daar eens over met je vader, misschien weet die een oplossing. Hij keek bedenkelijk.

Een week later vertelde hij dat hij met zijn vader naar een beurs was geweest en dat hij daar een prachtig leren pak had gekregen. Zijn gezicht betrok even toen hij toevoegde: een wit pak. Zijn vader had gezegd: wie betaalt, bepaalt, ik wil dat je goed zichtbaar bent.

Als u ooit een jongeman ziet op een snelle motor met een wit pak, dan weet u nu hoe dat zo gekomen is.

Beweegt u voldoende?

Op de opleiding had ik geleerd hoe ik tijdens het eerste vraaggesprek met de patiënt (de anamnese) goed alle dingen moest uitvragen die een beeld geven van de gezondheid. Een van mijn vragen was dus: “En beweegt u voldoende?”. Want uit het antwoord kan je een hoop afleiden.

Al snel viel me op dat vrijwel iedereen vond dat hij heel veel bewoog. “Ja hoor: ik houd mijn hele flatje zelf schoon.” Of: “Tuurlijk, ik doe wel drie keer per week zelf de boodschappen. Met de auto, want al die tassen ga ik echt niet dragen.”

Op een categorie na: de echte sporters. Die kijken dan schuldbewust: ze trainen maar 5x per week en zijn eigenlijk juist in het weekeinde best lui. Ja, nu ik het zo vraag, eigenlijk kan er op zondagochtend ook best wel even getraind worden.

Als je een eerlijk antwoord wil, dan moet je geen gesloten vragen stellen die met Ja of Nee beantwoord kunnen worden, maar open vragen: Hoeveel beweegt u nou zo in een week?

Over voldoende bewegen en fit en gezond blijven hier een mooie pagina!

Knuffel

Ik had met de Gouden Gids in de hand een aantal sollicitatiebrieven de deur uit gedaan en werd de volgende dag per telefoon uitgenodigd voor een gesprek (dat ging toen nog zo makkelijk…). Er was een functie vrij voor een fysiotherapeute in een psychogeriatrisch verpleeghuis. Psychogeriatrie, geen idee. Opgezocht in het woordenboek: dat is een verpleeghuis voor demente bejaarden. Het werd me niet duidelijker: wat is dementie? Maar ik dacht: wat heb ik te verliezen, ik probeer het gewoon.

Op de eerste werkdag kreeg in een uniform en een sleutel waardoor ik op de gesloten afdelingen binnen, en wat belangrijker was, ook weer naar buiten kon komen. Eenmaal binnen kwam er een oude dame naar me toe, wier gezicht oplichtte toen ze me zag. Ze dacht blijkbaar dat ik haar kleindochter was. Ik werd omhelsd en kreeg een dikke kus op beide wangen. “ Wat ben ik blij dat je er bent!”. Ik besloot op dat moment dat ik hier maar moest blijven werken!

In hoeveel bedrijfstakken krijg je tenslotte een knuffel van je cliënten als je binnen komt?